Baby in balans

In deze folder staat informatie over de verzorging en het omgaan met je baby in de eerste maanden. Als je baby weinig slaapt of veel huilt, kun je aan jezelf gaan twijfelen of je het wel goed doet. Praat hierover met de medewerkers van het consultatiebureau. Zij kunnen je ondersteunen en helpen. Zo kun je voorkomen dat je baby en jezelf uit balans raken.

Voeden, knuffelen en slapen

Voor alle baby’s is het leven buiten de baarmoeder een grote overgang. Voor sommige baby’s gaat dit van zelf, maar andere baby’s hebben een moeilijke start. De baby huilt en is onrustig. Hij komt niet vanzelf in een ritme van lekker drinken, knuffelen, rustig spelen en lekker slapen. De baby is uit balans. Dit is niet makkelijk voor ouders. 

Elke baby is uniek

Aanraken en vasthouden is nodig voor een normale ontwikkeling van de baby. Het zorgt ook voor een veilige hechting. Huid-op-huidcontact tussen ouder en baby kalmeert en geeft ontspanning. Dragen, wandelen, strelen, aaien, voeden, de baby zijn fopspeen geven, sussen, zingen, en ‘s avonds samen op de bank knuffelen zijn normale troostmomenten met je baby. Elke baby en elke ouder is uniek. Probeer rustig uit wat bij jou en je baby past. En zoek informatie en steun in jouw eigen vertrouwde omgeving.

Normaal huilen, wakker zijn en slapen

Normaal huilen 

Bij gezonde baby’s neemt het huilen toe na de geboorte. Hij huilt het meest als hij 6 tot 8 weken is. Baby’s huilen gemiddeld ongeveer 2 à 2½ uur verspreid over 24 uur. Ze huilen het meest in de avond. Na ongeveer 12 weken neemt het huilen weer af tot 1 à 1½ uur per 24 uur. Dan kan jouw baby ook steeds beter ‘praten’ met jou door zijn gedrag, geluiden en lachen. Met 7 à 9 maanden kunnen baby’s vaker gaan huilen om duidelijk te maken wat ze graag willen en nodig hebben. Hierbij gaat hij ook wijzen en kijken. 

Normaal wakker zijn 

De eerste twee weken is de baby per keer ongeveer 30 à 45 minuten wakker. Daarna is hij per keer 45 à 60 minuten wakker. Van 7 tot 12 weken 60 à 75 minuten en met 3 tot 5 maanden 1½ uur.

Slaapsignalen

Het is belangrijk om snel te zien wanneer je kind wil slapen. Het is bedtijd als je het volgende ziet en hoort: gapen, bleek worden, wangen of oren worden rood, friemel aan de oren en wrijven in de ogen. De baby kan ook wegkijken van jou of het speelgoed. Hij kan ook druk worden en gaan jengelen.

Normaal slapen 

Als je slaapt, doe je dat in meerdere herhalingsrondjes van een diepe en lichte slaapfase. Baby’s hebben andere slaaprondjes dan volwassenen. Een baby tussen 0 en 3 maanden slaapt een rondje van 45 minuten met 50% diepe slaap en 50% lichte slaap. De meeste baby’s slapen pas na 12 weken ‘s nachts door van 23.00 tot 05.00 uur.

Overzicht van normaal babygedrag

* Borstvoeding, ** Kunstvoeding
Leeftijd Voedingen per 24 uur Wakker per keer Slapen per keer Huilen per dag
0 tot 2 weken 8-12 x BV*
6-8 x KV**
30-45 min 2-3 uur -
2 tot 6 weken 7-10 x BV 
6-8 x KV
45-60 min 2-3 uur 1 - 1½ uur
7 tot 12 weken 6-8 x BV 
5-6 x KV 
60-75 min 2-3 uur 2 - 2½ uur
Piek rond 6 à 8 weken
3 tot 5 maanden 5-7 x BV 
5 x KV
1,5 uur 2 uur

1 - 1½ uur
Afname na 3 à 4 maanden

 

Regelmaat, voorspelbaarheid en minder prikkels

Regelmaat 

Baby’s houden van een overzichtelijk, rustig leven met een herhaling van wakker worden, drinken, knuffelen, spelen, slapen en dan weer wakker worden.Dit betekent een dagelijks ritme in het babyleven aanbrengen. Als je baby wakker wordt, krijgt hij zijn voeding. Hierna wordt hij geknuffeld en krijgt hij aandacht. Als je ziet dat hij weer moe wordt, leg je hem rustig wakker in zijn bed om te slapen.

Voeding

Baby’s krijgen voeding als ze honger hebben en niet op een strak door ons opgesteld tijdschema. Als de maag leeg raakt, wordt de baby langzaam wakker, gaat bewegen, knipperen met de ogen en maakt smakgeluiden. Hij gaat met zijn handjes zoeken naar de mond en pas op het laatst huilen. Voed je baby op tijd, als hij nog rustig en ontspannen is.Moedermelk is licht verteerbaar en altijd de beste voeding voor jouw baby, ook als hij onrustig is. Het aantal borstvoedingen per 24 uur verschilt per moeder. De hoeveelheid en samenstelling veranderd in de loop van de dag en nacht. In de namiddag en avond is de melkproductie rustiger. Hierdoor is het normaal dat een korte tijd tussen de voedingen zit. In de eerste weken kan de baby na de eerste borst in diepe slaap vallen en na ongeveer 15 minuten weer wakker worden om aan de andere borst verder te 
drinken.

Kunstvoeding heeft altijd de zelfde samenstelling en die maak je klaar in een afgemeten hoeveelheid. Probeer de flesvoeding in 15 tot 20 minuten te geven. Als je kunstvoeding geeft zal de jeugdverpleegkundige of jeugdarts samen met jou kijken of een andere soort voeding nodig is. Zelf experimenteren met toevoegingen zoals johannesbroodpitmeel, rijstebloem, infacol of andere druppels, poeders en thee raden we sterk af. Tussendoor en na de voeding moet de baby boertjes laten. Jonge baby’s vallen na de voeding aan de borst of op schoot in slaap. Breng de baby dan terug naar zijn vaste slaapplek om ongestoord te slapen.
 
Geef je baby eventueel een fopspeen als hij heel goed heeft gedronken. Geef hem niet nog meer melk; overvoeden kan tot krampen en huilen leiden. Meer informatie in de folder “Voeding in het eerste jaar”.

Knuffelen en spelen

In de eerste weken is de baby niet zo lang wakker na de voeding. Als hij wakker is en na het drinken om zich heen kijkt, kun je hem even in de box leggen met één of twee speeltjes om naar te kijken.

Slaapsignalen

Leg de baby direct bij de eerste signalen van slaap in zijn eigen bedje in een rustige kamer. Hij went dan aan deze regelmaat en hij valt gemakkelijk in slaap.

Slaapplek

Laat het babybedje de eerste zes maanden op jouw slaapkamer staan. Overdag kun je eventueel een tweede, vaste slaapplek in huis hebben, maar niet de speelbox. Een goede kamertemperatuur is 15 tot 18 graden. Zorg voor voldoende ventilatie en verduistering. Gebruik een laken en deken van ademend materiaal, aangepast aan het seizoen en stop deze stevig onder het matras. Dek je baby toe tot en met de schouders. Gebruik geen speelgoed in bed of een mobiel erboven. Een kleine lapjesknuffel en een muziekdoosje een keer opdraaien, kan bij het slaapritueel gaan horen. 

Slaapkleding

Kleed je baby aan in bed met soepel zittende kleding, het liefst van zacht, natuurlijk materiaal zoals katoen, zijde en wol. Sokjes zorgen voor warme voetjes en lange mouwen voor warme handen. Zorg dat de hals niet bloot is en de schouders toegedekt zijn. 
Een goed passende trappelzak kan een uitkomst zijn als het kind erg beweeglijk is en zich boven de dekens uitwerkt.
Een bakerzak zonder mouwen, (Puckababy), kan het maaien met de armen tegengaan in de eerste weken. Overleg dit met het consultatiebureau. Deze bakerzak mag niet meer gebruikt worden als de baby zich kan draaien.

Slaapritueel

Voorspelbaarheid geeft jouw baby een veilig gevoel en rust. Bijvoorbeeld door het uitvoeren van een vast ritueel voor het slapen gaan. Dan weet je baby dat hij lekker mag gaan slapen. Bij de eerste signalen van moe worden, neem je de baby mee naar de slaapkamer of 
een andere vaste slaapplek overdag en voer je jouw eigen ritueel uit zoals: 
• de gordijnen dicht doen; 
• de baby wakker in bed leggen; 
• stevig instoppen;
• een kusje en aai over zijn hoofdje;
• een liedje zingen of de muziekdoos een keer optrekken.
Meer informatie in de folder “Veilig slapen” en op www.veiligslapen.nl.

Babymassage

Het belangrijkste effect van babymassage is dat de band tussen jou en de baby sterker wordt en je leert hem beter begrijpen. De massage maakt de baby kalm. Hij leert met zachtheid en vertrouwen te reageren. Als je baby erg gespannen en huilerig is, kun je zijn buikje masseren bij elke verschoning op de blote buik. Na 2 à 3 dagen kun je al verbetering merken. 

Zo masseer je zijn buikje: 

Beide handen op elkaar (links onderop) op het buikje en lichtjes met je handen trillen, Dat doe je zes tot twaalf keer hand over hand. Ongeveer 30 seconden beide beentjes goed omhoog duwen en met de klok mee bewegen over het buikje. Bij kleine baby’s met platte vingers rondom het naveltje en bij grotere kinderen met de volle hand bewegen. Op youtube.com vind je een instructiefilm: babymassage bij buikkrampen van Be-Okay.

Massagetechnieken die je kunt toepassen als je baby buikkrampen heeft.

Verminderen van prikkels

Baby’s zijn gevoelig en kunnen drukte niet goed verwerken. Het harde geluid van de tv, radio, speelgoed of het licht van een beeldscherm en babygym maakt hem moe en houdt hem wakker. Te lang zitten in een auto- of wipstoel is ook vermoeiend en geeft veel prikkels. Veel buitenshuis ondernemen met de baby, bezoeken afleggen en de baby van hand tot hand laten gaan, kan allemaal te veel zijn. Met als gevolg oververmoeidheid, slecht slapen, stress en veel huilen. Pas vanaf 3 maanden is een babygym geschikt voor je baby. Leer je baby dat de box 
is om in te spelen en het bed om in te slapen.

Onrust en veel huilen

Een duidelijke oorzaak voor het vele huilen is niet altijd te vinden. Er is veel onderzoek gedaan naar huilgedrag van baby’s:

  • Is de baby ziek? Komt het door een onrijp zenuwstelsel en darmen of een moeilijke start? 
  • Is de baby prikkelbaar en gestrest door slaapgebrek?
  • Speelt de omgeving een rol? Past ons drukke en snelle leven bij de jonge baby? 
  • Gezondheid ouders? Roken? Problemen of spanning?
  • Depressieve klachten bij ouders tijdens en na de zwangerschap? 

Wat we nu wel weten is:

  • in de meeste gevallen kunnen ouders door voldoende rust en regelmaat de situatie weer onder controle krijgen en krijgen zij een tevreden baby;
  • rokende ouders een hoger risico op overmatig huilende baby’s hebben;
  • bij minder dan 5% van de baby’s die veel huilen een medische oorzaak gevonden wordt.

Oververmoeidheid

Een uitgeruste baby slaapt beter dan een oververmoeide baby. De jonge baby kan zichzelf niet afsluiten voor de omgeving. Als er teveel prikkels zijn kan de baby moe en gespannen worden en veel gaan huilen. Overprikkeld raken kan bij ieder jonge baby gebeuren. Bij baby’s die problemen bij hun geboorte hebben gehad, komt onrust vaker voor. 

Om dit te voorkomen is het belangrijk om goed te kijken naar jouw baby. Denk vooruit en voedt op tijd. Leg de baby na het voeden en knuffelen op een rustige, vaste slaapplek. Hiermee leert de baby om beter en langer te slapen en het vele huilen zal minder worden. Je baby komt beter in balans.

Soms wordt het te veel

Het komt voor dat een baby meer van je vraagt dan je op een bepaald moment aan kunt. Bijvoorbeeld als je baby erg veel huilt. Het blijft moeilijk om te zien en te horen dat hij het niet naar zijn zin heeft. Misschien willen familieleden of vrienden je een beetje steun geven, zodat jij even rust krijgt.

Nooit schudden of slaan 

Schud, sla of smoor je baby nooit. Het hoofd van een baby is erg groot en zwaar in vergelijking met de rest van zijn lijf. Door de baby door elkaar te schudden, beweegt het hoofd ook met grote kracht heen en weer. Een baby is nog niet sterk genoeg om dit tegen te houden. 

Door deze harde op en neer beweging kunnen bloedingen of kneuzingen in de hersenen ontstaan. Hierdoor kan een baby overlijden. Of er ontstaat schade, waardoor de baby blind of doof wordt, stuipen krijgt, leermoeilijkheden of gedragsproblemen ontwikkelt.

Wat kun je zelf doen?

Als je baby erg veel huilt en het wordt je teveel, kun je het volgende doen:

  • Leg je baby op een veilige plaats, zoals zijn bed of box;
  • Loop even de kamer uit;
  • Ga pas terug naar je baby als je zelf weer rustig bent.

Vraag hulp als je je heel boos of gefrustreerd voelt door het huilen van je baby. Praat erover op het consultatiebureau of bij de huisarts. Zij kunnen je baby ook extra nakijken op eventuele medische oorzaken van het huilen en je ondersteunen in deze moeilijke periode.

Thuis na een opname in het ziekenhuis

Bij baby’s die problemen bij hun geboorte hebben gehad, komt onrust vaker voor. Het is bekend dat in de eerste of tweede week na ontslag uit het ziekenhuis, te vroeg geboren baby’s of met een te laag geboortegewicht een ‘verlate’ huilpiek krijgen. Hierbij huilen ze nog hoger en indringender dan andere baby’s. Te vroeg geboren baby’s hebben een slaapritme van 80% lichte slaap en 20% diepe slaap per slaaprondje van 45 minuten.

In het ziekenhuis is het leven overzichtelijk en regelmatig. Het is goed om dit ritme thuis vast te houden, als dat mogelijk is. Begin thuis direct je eigen verzorgingsritueel te ontwikkelen met rust en regelmaat: wakker, voeden, knuffelen en slapen. De jeugdgezondheidszorg werkt samen met de Follow-up poli in het Rijnstate ziekenhuis in Arnhem.

Begeleiding naar rust en regelmaat

Aanbod

Als je vragen hebt of je zorgen maakt over het gedrag van jouw baby, kun je met ons een afspraak maken voor een gesprek en extra ondersteuning.

Plan van aanpak

De jeugdverpleegkundige komt eerst bij jou thuis om rustig de situatie door te nemen: welke momenten zijn goed en fijn, wat vind je moeilijk en wat wil je veranderen? Wat is al geprobeerd op het gebied van voeding en verzorging?

Met hulp van een 24-uur dagboek (zie onderstaande links) kan het gedrag van je baby goed worden bijgehouden. We maken samen een plan en vervolgafspraken totdat je tevreden bent met de situatie. Als het nodig is kan de jeugdarts je kind extra onderzoeken. 

Hoe maak je met ons een extra afspraak?

  • Op het consultatiebureau tijdens je vaste afspraak;
  • Tijdens het inloopspreekuur;
  • Telefonisch via de JGZ-Vragenlijn: (088) 355 68 50.


Bron: 
NCJ, Multidisciplinaire richtlijn Excessief huilen 2013 
ShakenBabySyndroom.nl 2015

Contact met de JGZ

Vragenlijn 0-4 jaar

088 355 68 50maandag t/m vrijdag van 13.00 – 17.00 uur

Voor vragen over verzorging of opgroeien van jouw baby of peuter